Type document
Uittreksel document
Openbare behandeling van agendapunt
9. 09. Financiën – aanvullende belasting op de personenbelasting voor het aanslagjaar 2026
Aanwezigen bij agendapunt
Aanwezige leden
- Staf Braspenning (Gemeenteraadslid)
- Ann Brosens (Gemeenteraadslid)
- Mark Bruurs (Gemeenteraadslid)
- Philip Loots (Gemeenteraadslid)
- Claudia Manders (Gemeenteraadslid)
- Bart Mertens (Gemeenteraadslid)
- Jeroen Raeijmaekers (Gemeenteraadslid)
- Anja Van Gils (Gemeenteraadslid)
- Leo Van Tilburg (Gemeenteraadslid)
- Jef Van de Perre (Gemeenteraadslid)
- Remco van Tilburg (Gemeenteraadslid)
Stemmingen bij agendapunt
De leden van de raad stemmen openbaar
over het voorstel van besluit
Aanwezigen tijdens de stemming
- Staf Braspenning
- Ann Brosens
- Mark Bruurs
- Philip Loots
- Claudia Manders
- Bart Mertens
- Jeroen Raeijmaekers
- Jef Van de Perre
- Anja Van Gils
- Remco van Tilburg
- Leo Van Tilburg
Effectieve stemmers
- Staf Braspenning
- Ann Brosens
- Mark Bruurs
- Philip Loots
- Claudia Manders
- Bart Mertens
- Jeroen Raeijmaekers
- Jef Van de Perre
- Anja Van Gils
- Remco van Tilburg
- Leo Van Tilburg
goedgekeurd, met eenparigheid van stemmen
9. Financiën – aanvullende belasting op de personenbelasting voor het aanslagjaar 2026
Gelet op artikelen 41, 162 en 170 §4 van de Grondwet;
Gelet op artikelen 464 tot en met 470/2 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992;
Gelet op het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, zoals gewijzigd;
Overwegende dat het gerechtvaardigd is een billijke financiële tussenkomst te vragen van de inwoners van de gemeente, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven;
Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen;
Besluit
Artikel 1.
Voor het aanslagjaar 2026 wordt een aanvullende belasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die belastbaar zijn in de gemeente op 1 januari van het aanslagjaar.
Art. 2.
De belasting wordt vastgesteld op 7,2 % van de overeenkomstig artikel 466 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar. Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingplichtige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande jaar.
Art. 3.
De vestiging en de inning van de aanvullende gemeentelijke belasting gebeurt door de federale administratie belast met de vestiging en inning van de inkomstenbelasting, zoals bepaald in artikel 469 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992.
Art. 4.
Deze verordening wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikels 286 en 287 van het decreet over het lokaal bestuur, en de toezichthoudende overheid wordt hiervan op de hoogte gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur.